dinsdag 17 november 2020

Goed gewapend tegen corona-leerachterstand

 



Tijdens mijn lerarenstage, intussen 20 jaar geleden, maakte ik voor het eerst kennis met Klasse. Het is één van de prettige vaktijdschriften die ik steevast helemaal doorlees. Ik koos voor dit artikel omdat ik linken zie met de huidige noden van leerlingen en omdat ik het idee van een flex-uur mee ondersteun. Het is dan ook fijn om te lezen dat er nog scholen mee op deze kar springen.

Door de hervorming is er jammer genoeg een uur Nederlands gesneuveld in de eerste graad, maar daar is een flexibel uur voor in de plaats gekomen. Zo ook bij ons op school. Intussen heeft de hervorming zich al flink doorgezet in de hele eerste graad en zitten we al wat in die nieuwe routine. Het flexibel uur hebben wij ingevuld als BOOST-uur, een uur waarin we wekelijks remediëren en differentiëren in een doorschuifsysteem. Hoewel het nog wat zoeken is, vinden we stilaan een concrete invulling. 

De leerlingen worden met hun leerjaar in groepen gemengd en boosten beurtelings voor de vakken Frans, Nederlands en Wiskunde onder begeleiding van de vakleerkracht. Elke leerling werkt volgens zijn eigen noden en behoeften aan oefeningen in het werkboek of op Scoodle, bekijkt flipping the classroom- filmpjes of herbekijkt het stappenplan in een PowerPoint van de les. Dit kan zelfstandig of met hulp van de leerkracht. De leerlingen houden bovendien hun eigen voortgang voor elk vak ook bij in een persoonlijke groeimap. 

Ikzelf mag sinds dit jaar zo’n uur mee begeleiden en vormgeven voor het vak Nederlands. Ik merk dat leerlingen er wel nood aan hebben om bijgewerkt te worden en vooral om individueel begeleid te worden. Misschien heeft corona deels mee gezorgd voor de achterstand die we dit jaar extra proberen in te halen, maar los daarvan denk ik dat de lat van (hervormde) doelstellingen en eindtermen gewoon iets te hoog ligt voor onze leerlingen. Ze worden geacht om steeds meer te kunnen op steeds minder tijd. Tijdens de lesuren in de klas is daar niet altijd de tijd voor, daarom vind ik zo’n Boost-uur een goed initiatief. Zelf haal ik veel voldoening uit dat uur en ik merk dat heel wat leerlingen er ook mee gebaat zijn. Er is meer verscheidenheid in leerniveau tussen leerlingen onderling en daarom is het nodig om elke leerling de kans te geven om helemaal mee te zijn.

Bron: Van de Pontseele, F. (2020, 19 oktober). Goed gewapend tegen corona- leerachterstand. Geraadpleegd op 16 november 2020, van https://www.klasse.be/238888/goed-gewapend-tegen-corona-leerachterstand/

vrijdag 13 november 2020

De avond is ongemak

Ongemak is het gevoel dat ik bij momenten had bij het lezen van dit boek. Een gereformeerd Nederlands boerengezin wordt geconfronteerd met het verlies van een kind. Ik kon moeilijk geloven dat het verhaal zich in de huidige tijd afspeelt. De vaak strenggelovige gedachten en uitspraken stroken naar mijn gevoel niet met het leven vandaag. Het boek is soms ruw en hard maar bovenal schrijnend. Een boerengezin moet de dood van een kind verwerken. De ouders zijn volledig verlamd door verdriet maar verbijten dit en tonen geen enkele emotie. Het gedrag van de 3 overige kinderen ontspoort intussen in onkuise dingen. De vreemde seksspelletjes die de dom gehouden kinderen spelen, gaven mij een gevoel van onbehagen.

Het is een sterk boek dat mij, ondanks de trage voortgang, toch erg gegrepen heeft. Ik kocht het online tijdens de lockdown, samen met nog een paar andere boeken. Het was niet mijn eerste keuze, maar het werd me aanbevolen in de marge. Geen miskoop, zo blijkt nu.

De schrijfstijl is aangenaam, al bulkt deze van de vergelijkingen en de metaforen. Het verhaal kabbelt eerder traag en de personages blijven erg vlak. Ik wilde voortdurend weten hoe de ouders zich voelden maar hier bleef ik helaas wat op mijn honger zitten. Het verhaal wordt verteld door de ogen van dochter Jas, ze is nog te jong om het verdriet van haar ouders te zien of in woorden te vatten en komt hierdoor onwetend en naïef over.

Het einde kwam onverwacht en nogal abrupt. Bij het omslaan van de laatste pagina was het verhaal ineens gedaan. Ik vond het een sterk boek maar was wel blij dat het gelezen was. Het ongemak uit het verhaal kruipt namelijk onder je vel en daar wil je niet te lang in blijven hangen. 

Marieke Lucas Rijneveld heeft me met dit debuutroman aardig weten te bekoren. Intussen heeft zij ook een tweede roman uit die ik alvast op mijn to-readlijst noteerde. 

Coloured cones

 

 


Als er één kunstenaar is die mij telkens weer weet te ontroeren, is het wel Michaël Borremans. Ik ben -zelf schilder van opleiding- dan ook een groot liefhebber. Hij is niet alleen technisch zo sterk dat hij heel wat oude grootmeesters moeiteloos weet te evenaren, maar daarnaast creëert hij steeds weer een bijzondere sfeer in zijn schilderijen. Zijn werk is ‘op z’n minst vreemd’ schrijft de journalist in dit stuk. Dat vreemde gevoel sluimert doorheen het hele oeuvre van Borremans. Het is net dátgene dat mij ontroert in zijn werk; er zit iets ongrijpbaars in wat je een unheimlich gevoel geeft.

In de reeks Coloured cones weet hij als geen ander de fijne textuur van satijn en stoffen minutieus weer te geven. Je hoeft zelf geen kunstenaar te zijn om te begrijpen dat dit niet evident is. Een voor de kijker ogenschijnlijk banaal onderwerp als een kegel ziet Borremans als metafoor voor de essentie van het mens-zijn. Zijn werk gaat dan ook steevast over de kwetsbaarheid van de mens. Die kwetsbaarheid manifesteert zich in vele vormen.

De laatste expo van Borremans dateert van enkele jaren geleden. Ik ben toen niet gaan kijken, daar heb ik nu veel spijt van. Ook deze expo in Zeno X zal momenteel niet opengesteld worden voor het publiek. Ze loopt nog tot februari 2021, hopelijk zijn de omstandigheden dan gunstiger zodat ik alsnog kan gaan kijken.

Bron: Rinckhout, E. (2020, oktober 21). De coronawerken van Michaël Borremans: 'We waren vergeten hoe kwetsbaar we zijn', Knack. Geraadpleegd op 12 november 2020, van https://www.knack.be/nieuws/belgie/de-coronawerken-van-michael-borremans-we-waren-vergeten-hoe-kwetsbaar-we-zijn/article-longread-1655401.html

woensdag 11 november 2020

Niets

 


‘Niets’ blijkt te gaan over een gruwelijke gebeurtenis die aan het begin van het stuk nog wat wordt verdoezeld. De jonge Pierre Anthon, een leerling uit het tweede middelbaar, doet in de klas de uitspraak ‘Er bestaat niets van betekenis, dat had ik al lang door. En daarom heeft het geen zin om iets te doen, dat heb ik net begrepen.’ Hij loopt vervolgens het lokaal uit om in een pruimenboom te gaan zitten. Dit is voor zijn klasgenoten een aanzet om te laten zien dat hij ongelijk heeft. Ze besluiten om het tegendeel te bewijzen en te werken aan een ‘berg van betekenis’. Het verhaal van Pierre Anthon krijgt al snel een dramatische wending die ik hier uiteraard niet wil spoilen.

Dit stuk uit 2017 is gebaseerd op het boek van Janne Teller -een tijdlang verboden schoollectuur- en wordt gespeeld door hetpaleis & De Nwe Tijd. We zien 5 jonge, in het zwart geklede acteurs naast elkaar op het podium staan. Een leeg en donker decor maakt al snel duidelijk dat het verhaal boven de omkadering gaat.

De catchy opener ‘jullie zijn voor niets gekomen', vond ik al meteen dubbelzinnig en filosofisch. De hele voorstelling lang heb ik geprobeerd om te kijken door de ogen van een twaalfjarige leerling. De intro was best moeilijk te verteren en zelfs wat aan de langdradige kant. Het was een haast filosofische aframmeling van de woorden ‘iets’ en ‘niets’ in al hun mogelijke betekenissen. Net op het moment dat je hoopt dat er ook nog echt ‘iets’ gebeurt, begint -gelukkig- het eigenlijke verhaal. Je voelt een wending in het taalgebruik en het wordt verstaanbaarder.

Ik koos voor dit stuk omdat de titel verwachtingen schiep. Daarnaast bekeek ik het met het oog op bruikbaarheid in de klas. Persoonlijk heeft het mij wel cultureel verrijkt omdat ik dit soort theater zelf niet vaak uitkies. Jezelf verrijken betekent tenslotte ook openstaan voor nieuwe dingen.

Ondanks het moeilijke thema neemt deze filosofische voorstelling een goed gevonden aanloop om jongeren mee te krijgen in de grote vraagstukken. Heel wat levensvragen passeren hier de revue. Het stuk gaat over de zinloosheid van het bestaan en is vrij heftig. Ik vraag me daarom ook af of twaalfjarigen hier al klaar voor zijn. Het is bovendien ook een voorstelling van anderhalf uur. Ik had naar het einde toe moeite om te blijven kijken omdat het langdradig was en het bovendien overkwam als ‘droog’ theater zonder decor of muziek. Zonder afleiding is het dus best pittig om geboeid te blijven. Ik vrees dat mijn leerlingen al lang stiekem op hun smartphone zitten te tokkelen.

Ik bekeek deze voorstelling online, een dankbaar alternatief in coronatijd. Of ik dit in de klas zou bekijken? Dat denk ik niet, dan ontbreekt de totaalervaring en de omkadering van het hele theatergebeuren. Theater beleven staat toch ook gelijk aan de bijhorende theatercodes, zeker voor jongeren.

Dit stuk geeft zeker een aanzet om in de klas op verder te gaan en haalt verschillende leerplandoelen aan. Het thema laat toe om vakoverschrijdend te werken. Op de webstek van hetpaleis staat bijkomend heel wat prachtig uitgewerkt lesmateriaal.

Ik onthoud een belangrijke boodschap: alles is te herleiden tot iets en niets. Een mooie aanzet tot filosofische gesprekken in de klas.

Link naar het stuk: NIETS (2017). Bekeken op 11 november 2020, op https://vimeo.com/210896147

 


Cultuur op slot


De cultuurhuizen gaan weer op slot: begrijpe
lijk en een terechte beslissing. Maar tegelijk denk ik ook 'zucht'. Iedereen is corona meer dan beu en we móéten iets ondernemen. Ik begin het gemis aan cultuur wel te voelen. De lege agenda's van mijn partner en mezelf voelen vreemd aan. Onze weekends zitten meestal wel volgeboekt met een optreden of theatervoorstelling ergens ten lande. Die leegte laat zich nu stilaan sterk voelen. Ik kan me de laatste cultuurbeleving niet eens meer herinneren. Wanneer was dat ook alweer? Dat moet zowat een klein jaar geleden zijn! Ik mis cultuur, punt. Ik mis de hele beleving errond. Zo'n avond begint met mezelf op te maken en de heerlijke verwachting te voelen voor wat komen zal. (Ik voel me dan altijd een beetje een kind op sinterklaasavond!) Vervolgens is het snel zoeken naar een parkeerplaats om dan nog net op tijd -strak getimed als we zijn- in de theaterstoel te ploffen. Dan volgt het heerlijk zenuwachtige geroezemoes in de muffe zaal, het geschuifel op de stoelen, het zaallicht dat dooft, gevolgd door de spots die aangaan. Vervolgens heerlijk ontspannen onderuitzakken en genieten van de voorstelling. Na het applaus napraten bij een drankje en onderweg naar huis tevreden nagenieten en terugblikken op een heerlijke avond. Het culturele hart is gevoed en kan er weer even tegen. Dát mis ik dus! Een avond cultuur staat voor mij gelijk aan een avond genieten. Het geeft me meer voldoening dan tv-kijken. De opsomming hierboven in een grote zak met een strik errond, dát is voor mij cultuur!
Er liggen hier nog wat tickets te wachten op de kast; stuk voor stuk voorstellingen waar we beiden erg naar uitkeken. Het concert van Simple Minds in het Sportpaleis, de Mens in de Roma, Belpop Bonanza, ... Ze werden al enkele keren uitgesteld en ik vrees dat ze ook helemaal niet meer zullen doorgaan. Vergeef mij als ik vloek, maar op dit moment ben ik het meer dan beu en zeg ik dan ook welgemeend en Arno-gewijs: "Godverdomme, corona!"

Bron: De Morgen (2020, 28 oktober), We moeten solidair zijn maar verwachten ook steun. Opgehaald op 11 november  2020, van https://www.demorgen.be/tv-cultuur/we-moeten-solidair-zijn-maar-verwachten-ook-steun-cultuursector-reageert-op-nieuwe,-maatregelen~bc035f6b/?referrer=https%3A%2F%2Fmail.telenet.be%2F

zondag 8 november 2020

Reacties op andere blogs




Voor A1/W1 reageerde ik op een blogbericht van deze medestudenten:

1. Gitte Bruyninckx: Leesplezier, is dat nog wel van deze tijd?

2. Christel De Crom: Cultuur

3. Sigrid Voorspoels: Ja, een leraar moet ook therapeut zijn.

4. Eileen Sikosek: het vak MEAV

5. Frank De Bock: Mediaknipsel: Hopsa, weer thuisonderwijs?

6. Jan Wouters: Film: Coco


donderdag 15 oktober 2020

Thank you for the rain

 


Doorgaans ben ik helemaal geen filmfan, tot grote ergernis van mijn partner die wel een groot liefhebber is. Het onderdeel 'film' in het portfolio heb ik dan ook tot het allerlaatst uitgesteld. Er is momenteel maar weinig dat me echt aanspreekt in de bioscopen. Op de Facebookpagina van Thomas More zag ik gelukkig net op tijd een evenement voorbijkomen: een online film die ik gewoon - geheel coronaproof - thuis vanuit mijn zetel kon beleven! Eentje in de categorie 'wereldfilms' dan nog. Dat leek me wel wat. Een klimaatfilm/documentaire, in het kader van 11.11.11, inclusief nabespreking. Als het dan toch een film moet zijn, dan liever eentje uit dit genre.

Ik zag het aangrijpende verhaal van de jonge Keniaanse fruitboer Kisilu die zijn persoonlijke strijd tegen klimaatverandering voert. Als kleine boer merkt hij de impact hiervan in zijn aangetaste oogst. Doorheen de film vormt Kisulu de spreekbuis voor de boerengemeenschap in het Zuiden.
De dag waarop hij mag spreken op de klimaattop in Parijs, is een prachtig moment in de film. Hij doet er zijn uiterste best om het onrecht aan te klagen. Zijn boodschap is een noodkreet naar de wereldleiders. Aanvankelijk is hij heel hoopvol maar de hoop slaat om in zware teleurstelling als hij beseft dat de wereld vooral draait om middelen, kansen en macht. De wanhoop en mistroostigheid zijn op zijn gezicht af te lezen.

Ik vond dit een heel sterke docu/ film die me niet onbewogen liet. Wat me het meest bijblijft, is het positivisme en de hoop die Kisilu heeft. Hier besef ik nog maar eens dat je verdorie toch maar geluk moet hebben met waar je geboren wordt. De film heeft me diep ontroerd. Ik zag een man met zoveel hoop maar vooral een man die zonder middelen kansloos is.

Deze film is een must-see!




zaterdag 10 oktober 2020

De Schrijfwijzen, Het Groot Dictee Heruitgevonden

Hoe schrijf je dat verdomde przewalskipaard nu weer? En is het colaatje of cola’tje?

Ik zal wel één van de weinige weirdo’s zijn maar ik heb altijd graag dictee gedaan op school. Zo in je allermooiste geschrift lange regels vol moeilijke instinkers neerpennen op een blanco vel papier… heerlijk vond ik dat destijds! Later schreef ik naar jaarlijkse gewoonte trouw mee met het Groot Dictee. Dan installeerde ik mij comfortabel voor de tv en wachtte ik vol spanning de meestal aartsmoeilijke tekst af. Het aantal fouten viel telkens nog in een aanvaardbare categorie.

Dit jaar schreef ik me in voor De Schrijfwijzen, een liveversie van het Groot Dictee in de bib van Geel. Mijn partner en ik zijn allebei grote taalfans dus dit was, na een lange culturele leegte in coronatijd, een evenement om naar uit te kijken. Het was een prettig taalspel zonder al te veel hersenkrakers of tongbrekers. Na een opwarmend dictee volgde een multiplechoiceronde en een spelling bee tussen de 2 beste schrijvers van de avond.

Mag ik mezelf nu een schrijfschaap of een speltijger noemen? Goh, een perfecte Schrijfwijze ben ik nog niet maar dit was alvast een hele goeie oefening én een bijzonder leuke ervaring. Met 8 spelfouten op mijn rapport - helaas geklopt door mijn partner - keer ik toch tevreden naar huis terug.

Ik schreef mee met de De Schrijfwijzen, Het Groot Dictee Heruitgevonden op vrijdag 9 oktober 2020 in cultuurcafé De Werft in Geel.


zaterdag 3 oktober 2020

Bah, lezen!

 

 
Een tijdje geleden ontdekte ik het geweldige vaktijdschrift FONS! Sinds kort ben ik er ook op geabonneerd. Ik ben fan van dit soort 'boekskes'. Het staat ook deze keer weer boordevol inspirerend vak- en lesmateriaal. 't Was moeilijk om hier één artikel uit te pikken maar na veel twijfel koos ik toch opnieuw voor een stuk rond leesbeleid. Want lezen op school, dat blijft verdorie toch een pijnpunt. Er is dan - ironisch genoeg - ook al wat inkt gevloeid over dit thema.

"Lezen is saai, te moeilijk en helemaal niet leuk!" Dit zijn letterlijk de woorden van mijn TSO- jongens. Je bent een nerd als je leest en nog meer als je het durft uit te spreken in de klas. Nochtans is het zo'n enorm belangrijke sleutel in het leven. Daarom geloof ik echt, hoe langer hoe meer, in het belang van een sterk en duurzaam leesbeleid op school. Lezen zou in het secundair onderwijs verplicht moeten worden opgenomen in het lessenpakket. Er zijn al heel wat nobele ideeën uitgewerkt maar waarom merk ik daar dan zo weinig van? Met amper één verplicht boek per jaar halen we het niet. Ik hoop daarom echt dat ik als leerkracht Nederlands een manier vind om mijn leerlingen aan het lezen te krijgen. Mijn leerlingen van het tweede jaar krijgen nu een laagdrempelige leesopdracht waarbij ze een onbekend sprookje moeten kiezen uit het aanbod. We lezen samen in de klas. Als verwerking maken ze een keuzetaak uit de lijst. Die kan creatief zijn, maar ook sec uitgeschreven. Elke leerling kiest een verwerking die bij hem past. Het is een begin en hopelijk kan het sommigen prikkelen om meer te gaan lezen. 
Ik zou ook graag een vast wekelijks voorleesmoment willen inlassen in mijn lessen Nederlands, of de les willen beginnen met een kort gedicht. Dat durf ik voorlopig nog niet goed. Ik weet niet hoe dit onthaald zal worden bij mijn leerlingen. 

Bron: FONS (2020, september), Van duurzaam leesbeleid naar sterk leesonderwijs. Opgehaald op 3 oktober 2020 op https://frisonderwijsnederlands.files.wordpress.com/2020/09/fons_6_1_hebbrecht_vansteelandt.pdf

dinsdag 29 september 2020

De schaduwen van Radovar

 

Dit boek was niet mijn eerste keuze uit de opgelegde leeslijst maar ik wilde wel eens een écht spannend jeugdboek lezen en dus waagde ik het erop. De donkere kaft toont meteen de onheilspellende sfeer van het boek in één beeld.

Het verhaal speelt zich af in de kunstmatige stad Radovar. Het leven is er erg gecontroleerd en wordt bepaald door een bizar puntensysteem. Goed of slecht gedrag vertaalt zich in punten en bepaalt bijgevolg de etage waar je woont, alsook de daarbij horende privileges. Het hoofpersonage Jona rebelleert hier voortdurend tegen. Samen met wat foute vrienden wil ze uitzoeken wat er zich afspeelt in de schaduwen van Radovar. 

Het is een jeugdboek dat je meteen meeneemt en waarin op tijd een flink blik spanning wordt opengetrokken. Er zitten veel wendingen in die ervoor zorgen dat je als lezer in de greep van het verhaal blijft. Ik zag het verhaal tijdens het lezen in mijn hoofd afspelen. Naar mijn gevoel heeft dit potentie voor een spannende jeugdfilm! Het boek kent een nogal voorspelbaar happy end. Misschien was dit een veilige keuze voor de jonge lezers?

Wat me blij verraste, is dat het geschreven is door een Nederlandse schrijfster, vooral omdat ik zelf niet zo van vertalingen hou. Daardoor lees je veel herkenbare dingen. Af en toe stootte ik op typisch Nederlands taalgebruik waarvan ik denk dat Vlaamse jongeren het niet meteen begrijpen. Het boek deed me wat denken aan het communistisch regime in China, waar ook een soort van sociaal puntensysteem bestaat. 
Ik zou dit boek zeker aanbevelen in de klas. Het lijkt me een verhaal dat zowel jongens als meisjes graag lezen. Het is bij momenten nogal zwart-wit voorgesteld met duidelijke regels van wat wel en niet mag. Misschien ervaren 12-jarigen het leven en de maatschappij soms wat op die simplistische manier. In die zin kan ik me voorstellen dat ze hier heel wat herkenning in zullen vinden. Het boek zal jongeren ongetwijfeld ook achterlaten met vragen over maatschappelijke systemen en hopelijk aanzetten om hier over na te denken. 

De schaduwen van Radovar is echt een tof boek dat me met een goed gevoel achterliet! Mijn keuzetwijfel was dus helemaal ongegrond.

 

 

 

zaterdag 26 september 2020

Een pilletje en een snuifje raampoëzie

Ik was altijd al een grote fan van visuele poëzie en gedichten. Het mag dan misschien wat pathetisch klinken maar ik kan oprecht blij worden van mooie woorden. Tegenwoordig zie je - tot mijn grote vreugde- wel vaker raamgedichten in het straatbeeld opduiken. Dat was ook het eerste wat me opviel toen ik de campus van Thomas More binnenkwam! Dit artikeltje doet mij dan ook kriebelen om er zelf mee aan de slag te gaan in de klas. Er rijpt al langer zo’n idee in mijn achterhoofd. Ik hoop om ooit met mijn eigen leerlingen leuke gedichtjes te mogen schrijven op de etalages van lokale handelaars en zo een bijdrage te kunnen leveren aan het vreugdegevoel van mensen. Iets soortgelijks in de vorm van een poëzieroute of -wandeling laat ik nog even borrelen. Die ideeën worden vroeg of laat ongetwijfeld nog uitgewerkt in het kader van de poëzieweek op school.

Misschien vormen woorden wel een pilletje tegen de verzuring, zoals het artikel ook zegt. Tegelijk is het een laagdrempelige vorm van cultuurbeleving. Je moet al echt koppig zijn om woorden niet te willen lezen als je staat te wachten bij een lokale handelaar. Mensen kunnen niet anders dan even stil te staan bij woorden. Ik vind de apotheek dan ook een uitgelezen plek om dit medicijn te presenteren!

Bron: De Standaard (2020, 26 september), Een pilletje en een snuifje raampoëzie. Opgehaald op 26 september 2020,  op https://www.standaard.be/cnt/dmf20200925_97581310

Reacties op andere blogs

  Voor A2/W2 reageerde ik op een blogbericht van deze medestudenten: 1.  Bette Leys:  Schindler's List ~ What's wrong with being dif...